Twisteren met het lagenmodel

  • Dienstverlening
  • Implementatie algemeen
  • Informatievoorziening
  • Organisatie
  • 6 december 2018
  • 1242 BEKEKEN
  • 0 Likes
Arjan Kloosterboer

Invoering van de Omgevingswet bij een bevoegd gezag beïnvloedt alle aspecten van dienstverlening en bedrijfsvoering. Hoe houd je daar grip op? En op de samenhang daartussen? Eén van de instrumenten is het door de VNG ontwikkelde zogenaamde ‘Lagenmodel Omgevingswet’. De VNG zet het primair in voor inzicht in “het anders werken waardoor de Omgevingswet werkend wordt in de gemeentelijke praktijk en het maatschappelijk rendement dat het werken met de Omgevingswet gaat opleveren.” Maar het heeft ook een andere gebruiksmogelijkheid: inzicht in wie waar mee bezig is binnen het eigen programma of project, of alle aspecten bemenst zijn en hoe de samenwerking is.

Lagen voor inzicht in kernvraagstukken

“Het lagenmodel bestaat uit acht lagen: de geest van de wet, wet- en regelgeving, kerninstrumenten, de beleidscyclus, content, digitaal stelsel, gemeentelijke processen en werkwijzen, klantprocessen en de wereld.” Het zijn niet zozeer lagen maar kringen, van binnen naar buiten: van de bedoeling van de Omgevingswet tot degenen voor wie die bedoeld is: burgers en bedrijven. Elke laag is geconcretiseerd met onderdelen zoals typen omgevingsbesluiten (omgevingsvisie, omgevingsplan etc.) en soorten serviceformules.

Richtinggevend voor de invoering van de Omgevingswet zijn volgens de VNG de antwoorden op de door haar geformuleerde kernvraagstukken. Dat zijn vragen als “Hoe maken we beleid onder de Omgevingswet voor het aanpakken van onze maatschappelijke vraagstukken?” en “Hoe wordt mijn belang gehoord bij de behandeling van een initiatief?” De vragen zijn gesteld vanuit zowel het bevoegd gezag als bewoner en ondernemer. Een kernvraagstuk is multidisciplinair, het antwoord moet gezocht worden in meerdere lagen. Door per vraagstuk langs de lagen te lopen wordt inzicht verkregen in wat er op de lagen moet gebeuren om het vraagstuk op te lossen. Het lagenmodel brengt aldus de samenhang in beeld van de bijdragen die betrokkenen bij de lagen moeten leveren. Zie daar de noodzaak van een multidisciplinaire aanpak.

 

Fysiek door het model lopen

Dat ‘ langs de lagen lopen’ kun je natuurlijk met een groep doen met het plaatje op tafel. Leuker en meer beklijvend is het om dat fysiek te doen, als een variant op het spel Twister©. De VNG heeft daartoe het lagenmodel afgedrukt op een ‘vloerkleed’ van 8×8 meter. Een andere toepassingsmogelijkheid hiervan is inzicht te krijgen wie waarmee bezig is, hoe er samengewerkt wordt en welke aspecten te weinig aandacht krijgen. Nodig uw programma- of projectleden uit om positie te kiezen: waar ben je van? En bekijk het speelveld: waar zitten de gaten, wie zorgt er voor de samenhang? Stel vragen als: waarom sta je hier, welke bijdrage lever jij? Werk je samen met anderen om je heen? Wat mis je, waarvan zou je meer kennis willen hebben? Het wordt zo een ludiek en dynamisch spel dat de samenwerking verbetert tussen alle betrokken bij de invoering van de Omgevingswet. Bij een sessie waar ik zelf bij was bleken bijvoorbeeld de buitenste lagen slecht bemenst en was er maar een enkeling die wijdbeens met samenhang bezig was. Een beeld dat me goed is bijgebleven, dankzij deze fysieke werkvorm. Aanbevolen!

 

Het lagenmodel en de citaten zijn ontleend aan dit artikel van de VNG. U treft daar meer informatie aan over het lagenmodel.

Arjan Kloosterboer

Plaats een reactie

Reageren? Deel hier uw mening. Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Terug naar overzicht